3.3 Het begrip 'kwaliteit' in nieuwe wetgeving

De term 'kwaliteit van WKK' komt voor het eerst formeel aan bod in de aanbevelingen van het Controlecomité voor de Elektriciteit en het Gas (CCEG) aangaande de prijs van het aardgas bestemd voor kwaliteitseenheden van WKK en later in de elektriciteitstarieven voor nood- en hulpstroom.

Momenteel bevinden zowel de aardgas- als elektriciteitssector zich in een overgangsfase van een gereguleerde markt naar een geliberaliseerde markt (zie hoofdstuk 6) waarbij dergelijke initiatieven niet meer van de energiesector uitgaan. De Vlaamse overheid heeft 'kwaliteit van WKK' echter opgenomen in de wetgeving omtrent de herstructurering van de elektriciteit- en gasmarkt.

Het uitvoeringsbesluit van 7 september 2001 (1) vereist een relatieve primaire energiebesparing van minimaal 5% om het kwaliteitslabel te verkrijgen. Deze relatieve primaire energiebesparing wordt als volgt berekend:

Relatieve primaire energiebesparing =

Waarbij:

aq : thermisch rendement warmtekrachtinstallatie;
hq : thermisch rendement referentieketel;
ae : elektrisch rendement warmtekrachtinstallatie;
he : elektrisch rendement referentiecentrale.

(1) Besluit van de Vlaamse regering tot bepaling van de voorwaarden waaraan een kwalitatieve warmtekrachtinstallatie moet voldoen.

Langs thermische zijde is het referentierendement afhankelijk van de wijze waarop de WKK-installatie haar warmte afgeeft, onder de vorm van warm water of stoom:

Warm water : 90%
Stoom : 80%

Langs elektrische zijde is het referentierendement afhankelijk van het spanningsniveau waarop de WKK-installatie is aangesloten:

> 15 kV : 55%
< 15 kV : 50%

Voor installaties met een nominaal elektrisch vermogen kleiner dan 200 kWe volstaat een berekening op basis van nominale gegevens. Voor installaties met een nominaal elektrisch vermogen groter dan 200 kWe is echter continue meetverplichting vereist van de energiestromen (netto-elektriciteitsproductie, benutte warmte en brandstofverbruik). Voor installaties met een nominaal elektrisch vermogen groter dan 1 MWe is bovendien een keuringsverslag van een geaccrediteerde keuringsinstantie vereist.

Het kwaliteitslabel dient formeel aangevraagd te worden door de eigenaar van de WKK-installatie bij de VREG (Vlaamse Regulator Elektriciteit en Gasmarkt). De aanvraag dient te gebeuren via een formeel aanvraagformulier (terug te vinden op www.vreg.be) gestaafd met de technische bewijsstukken en eventueel de meetgegevens en het keuringsverslag.

 

terug naar inhoudstabel

volgende pagina